Naar mobiele navigatie

Nieuws

06 juni 2017

Vanaf 1 januari 2018 beperkte gemeenschap van goederen

De wet beperkte gemeenschap van goederen wordt dan ingevoerd met als doel het huwelijk te moderniseren en meer aan te sluiten bij de wetgeving in landen om ons heen. Het gevolg van de nieuwe wet is dat iedereen die vanaf 1 januari 2018 trouwt zonder daarvoor bij de notaris een en ander te laten vastleggen, alleen het bezit (en de schulden) deelt welke na de datum van het huwelijk zijn verkregen. Al hetgeen daarvoor in eigendom was, blijft persoonlijk bezit.

Het bezit dat wordt verkregen tijdens het huwelijk blijft dus - net zoals nu - wel gezamenlijk. Uitzonderingen daarop vormen schenkingen en erfenissen, deze komen alleen toe aan degene die de schenking of de erfenis verkrijgt. Op dit moment is dit laatste anders en komen deze toe aan beide echtgenoten tenzij de schenker of erlater in een notariele akte door een uitsluitingsclausule anders heeft bepaald.  

Wie na 1 januari 2018 gaat trouwen en wenst dat, gelijk aan de huidige algehele gemeenschap van goederen, het voorhuwelijkse en tijdens het huwelijk verkregen vermogen gemeenschappelijk wordt, kan dit bij een notaris laten vastleggen.

Gevolg van de nieuwe wet is dat als echtgenoten die zijn getrouwd na 1 januari 2018 zonder eerst huwelijkse voorwaarden te laten maken gaan scheiden, er een discussie kan ontstaan over de vraag aan wie een bepaald goed toebehoort dat tijdens het huwelijk is verkregen. Om te kunnen aantonen wie aanspraak kan maken op een goed (dat zal doorgaans degene zijn die het goed betaald heeft) is het zaak om een administratie bij te houden zodat kan worden aangetoond wie wat heeft betaald. Als niet kan worden bewezen welk bezit van wie is, zal ervan worden uitgegaan dat het goed gezamenlijk bezit is en dat de waarde daarvan verdeeld moet worden.

 

 

Lees verder